De zieners – Guido van Hengel
Interbellum / mei 30, 2018

Een ‘nieuwe mens’ en een ‘nieuwe taal’. Die waren nodig volgens de zieners Frederik van Eeden en Erich Gutkind in het boekje Wereldverovering door heldenliefde. Het verscheen in 1912 voor het eerst. Van Eeden pleitte daarin voor een ‘wereldrijksdag’. Die intellectuele voorhoede zou de wereld redden. Het nu grotendeels vergeten boekje – later uitgegeven als De geestelijke verovering der wereld – was volgens Van Eeden van groot belang voor de komende generaties. Het was een utopisch geschrift met grote pretenties en een verlangen naar heroïsche strijd. Wereldverbeteraars In het boek De zieners is dat pamflet maar een van de uitingen van een los-vast-groepje wereldverbeteraars, idealisten, kunstenaars en filosofen die elkaar inspireerden en soms ook met elkaar overhoop lagen. In het centrum van het boek staan de Nederlandse schrijver en utopist Van Eeden, de Duits-Joodse filosoof Gutkind en de Slavische mystiek denker Dimitrije Mitrinović: denkers uit drie verschillende landen en met verschillende religieuze achtergronden. Daaromheen cirkelden mensen als de kunstenaar Kandinsky, de filosoof Martin Buber en de politicus Walther Rathenau. Allemaal hielden ze zich bezig met de ‘redding van de moderne mens’ en de ordening van het nieuwe Europa. Hun ideeën vlogen allerlei kanten op: conservatief, socialistisch, soms ook met dubieuze trekjes…

Malaparte – Franco Vegliani
Interbellum / oktober 11, 2009

“Toen de schrijver van ‘Kaputt‘ en ‘De huid’ zijn einde voelde naderen, had hij er behoefte aan enige opheldering over zijn leven te geven. De wire-recorder, die hij in zijn kamer liet opstellen, raakte defect. Toen dacht Malaparte aan de ‘Tempo’-redacteur Vegliani, die hij had leren kennen als een ernstig, betrouwbaar mens.” Zo begint de flaptekst van dit boekje van 160 pagina’s, waarin het leven van Curzio Malaparte beschreven wordt. En hij is het waard. Malaparte was zelf bijna een roman-figuur is die, als hij niet had bestaan, bedacht had moeten worden. Werkelijkheid en verdichting vermengen zich in zijn leven, net als in zijn werken, zonder moeite.

Kinderen van Stalin – Owen Matthews
Interbellum / april 28, 2009

Boris Bibikov is een rijzende ster van de communistische partij van de Sovjet-Unie. Hij noemt zijn eerste dochter Lenina, naar de grote leider van de Russische revolutie. Hij is in het begin van de jaren dertig een van de leiders van de bouw van een reusachtige tractorfabriek in de Oekraïne. Overdag en tijdens ‘stormnachten’ wordt er in koortsachtig tempo aan gewerkt, om het schema van het Vijf Jaren Plan te halen. Een muziekband moedigt de arbeiders met revolutionaire liederen aan. Het plan wordt gehaald en Bibikov wordt gepromoveerd. Hij wordt de tweede man van de partij in een stad in de Oekraïne. Maar een paar jaar later wordt hij gearresteerd. Pas na negentien dagen legt hij een bekentenis af: hij heeft het werk aan de tractorfabriek als lid van een trotskistische organisatie gesaboteerd.

Warsaw 1920 – Adam Zamoyski
Interbellum / juli 7, 2008

De oorlog tussen Polen en de jonge Sovjet-Unie in 1920 staat niet bepaald in het geheugen van de gemiddelde West-Europese burger gegrift. Op zijn best is die bekend als een van de uitlopers van de burgeroorlog tussen de ‘Witten’ en de ‘Roden’ die na de Oktoberrevolutie uitbrak. Polen was na de Eerste Wereldoorlog herrezen als onafhankelijke staat. Maar het was onduidelijk waar de grenzen getrokken zouden worden. In het Oosten zou dat ‘op de grond’ besloten worden. Maar de strijd met de Sovjet-Unie dreigde aan het korte bestaan een einde te maken.

De revolutieverzamelaar – Henk van Renssen
Interbellum / april 21, 2008

De jonge George Nypels was al een avontuurlijk type. Op veertienjarige leeftijd nam hij in zijn eentje de boot naar Londen. Hij verbleef er een nacht in de buitenlucht en keerde toen maar snel terug naar het veilige Nederland. Maar het buitenland bleef lonken. Tussen 1918 en 1924 reisde hij Europa rond, op zoek naar revoluties en onrust. Hij was als ‘reiscorrespondent’ van het Algemeen Handelsblad ooggetuige en scherp observator van gebeurtenissen in onder andere Duitsland, Turkije, Polen, Hongarije, de Sovjet-Unie en Italië. Hij wilde er zelf bij zijn en probeerde, met wisselend succes, de hoofdpersonen te spreken te krijgen. In schilderachtige reportages deed hij verslag van zijn bevindingen.

Michael Burleigh – Heilige doelen
Interbellum / september 9, 2007

Volgens sommige simpele visies op de geschiedenis van Europa vond in of kort na de Verlichting de scheiding van kerk en staat plaats. Daarna gingen beiden huns weegs en dat is de basis voor onze liberale, seculiere samenleving. Dat de werkelijkheid iets ingewikkelder in elkaar zit, toont de Britse historicus Michael Burleigh aan in zijn monsterproject over religie en politiek sinds de Franse revolutie. Religie en politiek hebben elkaar op allerlei manieren beïnvloed. Nadat hij in Aardse machten de periode tussen 1789 en 1914 behandelde, bestrijkt hij in dit deel het tijdperk van de 'totalitaire politieke religies': fascisme, communisme en nationaal-socialisme. Met een beeldtaal en jargon ontleend aan het christendom schiepen Mussolini, Lenin en Hitler een geperverteerd visioen van verlossing. Om dat te bereiken was ieder middel vanzelfsprekend gerechtvaardigd en moesten diegenen die deel uit zouden maken van het toekomstig paradijs hun volledige leven in dienst daarvan stellen. Zoniet, dan waren ze ook te vernietigen tegenstanders.

Schipper naast God – Herman Langeveld
Interbellum / september 3, 2006

Het had weinig gescheeld of de vaderlandse muziek was verrijkt met een ‘ Minister Colijnmarsch’, gecomponeerd ter gelegenheid van de zeventigste verjaardag van de premier en leider van de anti-revolutionaire partij. Maar Hendrikus Colijn liet, na enige interesse getoond te hebben, weten dit toch geen goed idee te vinden.Er zijn in Schipper naast God, het tweede deel van de Colijn-biografie van VU-historicus Herman Langeveld meer voorbeelden te vinden waar de politicus zich net op tijd of na een korte dwaling bedacht. Zo toonde hij in de jaren dertig warme belangstelling en waardering voor het fascisme van Mussolini. Maar hoewel hij bleef vinden dat de regering minder afhankelijk zou moeten zijn van het parlement, heeft hij nooit geprobeerd het politieke systeem op radicale wijze te veranderen. Na het begin van de bezetting publiceerde hij de brochure Op de grens van twee werelden, waarin hij er vanuit ging dat Duitsland voorlopig het vasteland van Europa zou beheersen. Nederland moest zich daar maar bij neerleggen. Een half jaar later had hij dit idee verlaten, waarbij niet helemaal duidelijk wordt hoe dat zo snel heeft kunnen gebeuren.

The Russian Revolution – E.H. Carr
Interbellum / mei 25, 2006

Dit is de grote reddingspoging van de Russische revolutie, ondernomen door de Britse, marxistische historicus E. Carr in 1979. Carr schreef een hele serie boeken over de revolutie en dit is zijn samenvatting in nog geen tweehonderd pagina’s. De eerste zin zegt het meteen. “De Russische revolutie was een keerpunt in de geschiedenis en zou later gezien kunnen worden als de belangrijkste gebeurtenis van de twintigste eeuw.”

Techniek van de staatsgreep – Curzio Malaparte
Interbellum / mei 14, 2006

Staatsgrepen, putches, revoluties en coups waren er genoeg in de jaren twintig en dertig. Rusland, Italië, Polen en natuurlijk Duitsland waren er het toneel van. Maar een staatsgreep kan net zo makkelijk in Zwitserland of Nederland plaats vinden, schreef de Italiaanse journalist Curzio Malaparte in dit essay uit 1931. Want de staatsgreep is vooral een technisch probleem en niet afhankelijk van de toestand in een land, aldus Malaparte. Daarmee keerde Malaparte zich lijnrecht tegen de marxistisch-leninistische uitleg van de revolutie. Die ging ervan uit dat de toestanden voor de arbeiders steeds slechter zou worden door imperialisme en oorlog. Na lang genoeg getergd te zijn zouden de massa’s in opstand komen. Maar Malaparte wijst op de doorslaggevende rol van Trotski in de Russische oktoberrevolutie van 1917. Trotski zette door waar andere bolsjewieken aarzelden.