De ontsluierde stad - Lodewijk Asscher |
| 31-01-2010 | |||||
|
Hij start met een redelijk persoonlijk motivatie waarom hij de politiek is ingegaan, waarbij hij ingaat op zijn familiegeschiedenis. Overgrootvader Abraham Asscher was een van de voorzitters van de Joodsche Raad, de joodse organisatie die in de oorlog steeds meer ging fungeren als doorgeefluik voor de maatregelen van de Jodenvervolging. Zijn politieke loopbaan is niet bedoeld om dit ‘goed’ te maken, maar zijn belangstelling voor de publieke zaak werd wel gewekt door dat verleden. Hij is ook geboeid door ‘de morele component van beslissingen’. Erkent hij, in andere woorden, dat hij een moralist is? Het verleden levert ook een waarschuwing op: “Ik weet – dus ook uit mijn eigen familie – dat je heel goed iets verkeerd kunt doen met de beste bedoelingen.”
Een van de sterke punten van Asscher is dat hij fouten en twijfels toegeeft. Zo stelt hij zich kwetsbaar op, maar maakt hij zichzelf direct minder makkelijk vatbaar voor de kritiek van anderen.
De Wallen en het onderwijs waren twee van die zaken waar hij als wethouder eigenlijk niets over te zeggen had. Maar hij ging zich er toch mee bemoeien.
Hij haalt het voorbeeld aan van een woningcorporatie die onderhoud heeft uitbesteed en waar in het weekeinde bij klachten niemand komt opdagen. Alsof de overheid altijd de beste service verleent.
“We moeten stoppen met perverse politieke prikkels. ‘de wachtlijsten weg per 1 januari’,” schrijft Asscher. Maar hij schrijft er niet bij dat hij dat zelf, toen hij de macht naar zich toetrok over Bureau Jeugdzorg Amsterdam, dat ook riep.
Asscher spreekt in dit boek over zijn weerzin tegen de traditionele politiek en bestuurspraktijken. Hij gaat ‘zo min mogelijk’ naar interne overleggen, wil zich niet neerleggen bij situaties omdat hij niet bevoegd is. Asschers boek biedt inzicht in het werk van een wethouder die een fors stempel op de stad drukt. Hij doet dat op verhelderende wijze waarmee hij soms echt een boekje open doet. Andere delen komen voor de nauwkeurige volgers van de Amsterdamse politiek bekender voor. Hij schreef het in ‘korte gestolen uurtjes’. Dit is dan ook niet de definitieve geschiedschrijving van de periode 2002-2006 (de Noord/Zuidlijn wordt niet genoemd) waarin een jonge wethouder grootste plannen ontvouwde en begon uit te voeren, maar een echt verkiezingsboek. In dat genre is het zeker niet slecht.
Waardering: Lodewijk Asscher, De ontsluierde stad (2010)
Commentaar
marieke
schreef:
|
|||||
| Bedankt voor de uitvoerige en inhoudelijke recensie! Wil het boek natuurlijk ook snel uitlezen, maar zo ben ik in ieder geval weer een beetje bij. Die analyse van de problemen in het onderwijs/relatie bestuurders is misschien voor jou ooit ook nog wel eens een fijn onderwerp om in te duiken?! groeten! Marieke |

| Heb het zojuist ook uitgelezen en denk dat de recensie de lading aardig dekt. Het boek geeft een aardig inzicht in de beweegredenen van Asscher. En wat je aan hem hebt als politicus. Iemand die kiest voor mensen en voor Amsterdam. En soms een fout maakt. |