Thuis bij de vijand – Natascha van Weezel

mei 7, 2017

Op de boekpresentatie van het boek Thuis bij de vijand van Natascha van Weezel was, raakte ik in gesprek met een bezoeker. Hij vertelde dat hij regelmatig de discussie aangaat met de man die bijna iedere dag op de Dam staat met een stand met Palestijnse vlaggen en foto’s van het optreden van Israëlische soldaten. Hij deelt er folders uit, roept tot boycot van Israëlische producten en trekt aardig wat publiek. De man op de boekpresentatie had zijn verweer gereed, zei hij, en hij toonde een Israëlische vlag die hij in zijn jaszak, boven zijn hart, meedroeg.

Geen buitenland is in Nederland en dan vooral in Amsterdam met zoveel emoties beladen als Israël en de Palestijnse gebieden. Alleen al de benaming kan tot controverse leiden. Zijn het de Palestijnse gebieden, Palestina, Judea en Samaria, bezet gebied, bevrijd gebied?
Als journalist van het Parool ben ik een paar keer bij bijeenkomsten geweest van het Joods Marokkaans Netwerk Amsterdam, een club van vooral hoogopgeleide en welbespraakte Joden en Marokkanen die probeerden de spanningen tussen de bevolkingsgroepen te verminderen. De bijeenkomsten waren soms gemoedelijk, met lekker eten, soms fel, met scherpe discussies. Moesten de niet-Joodse deelnemers het bestaansrecht van Israël erkennen of kon je dat niet eisen, was een vraag die tot veel onenigheid leidde.
Ironisch genoeg kregen de deelnemers enorme ruzie, die niet te maken had met verschil van inzichten maar meer met onverenigbaarheid van karakters. Een deel splitste zich af en vormde de vriendengroep Shalom Salaam. Ook zij kwamen af en toe samen en de bijeenkomst naar aanleiding van de aanslagen in Parijs op Charlie Hebdo en de kosjere supermarkt was ontroerend. Maar met welk effect hebben dergelijke gespreksclubjes werkelijk?

De Joodse Natascha van Weezel onderzoekt in dit boek de verhoudingen tussen moslims en Joden in Nederland, aan de hand van een persoonlijke zoektocht. Ze spreekt allerlei mensen, van een teleurgestelde Ed van Thijn tot een bozige rapper Appa. Ze geeft les aan scholieren en gaat naar koranles, waar andere deelnemers vragen of ze haar even mogen aanraken. Want voelt een Jodin hetzelfde als een ander mens? Soms weet ze barrières te doorbreken, soms lukt dat niet.
Beroepsactivist Abdou Menebhi heeft een verklaring waarom sommige Marokkaanse jongeren zich zo betrokken voelen bij de Palestijnen. Ze voelen zich onderdrukt in Nederland en zijn daarom solidair met een Arabisch volk dat onderdrukt wordt: de Palestijnen. En daarbij komt dat via Israël Nederland getroffen kan worden: dat steunt Israël in hun ogen altijd. Dat zegt ook onderzoeker Nadia Bouras, “Ik geloof oprecht dat die woede niet is gericht tegen joden, maar tegen de Nederlandse overheid, die Israël vrijwel altijd in bescherming neemt.” Het ‘moreel leiderschap’ dat regeringen van islamitische landen tonen door Israël te bekritiseren ontbreekt hier.
Deze verklaringen zijn zeker niet direct te verwerpen. Je kan natuurlijk zeggen dat er nog wel andere Arabische volken zijn die onderdrukt worden en die solidariteit verdienen. Je kan ook zeggen dat het moreel leiderschap van regeringen van islamitische landen soms wel iets te wensen overlaat. Maar dat is logica en die is in dit debat niet de juiste gids. Het gaat hier om gevoelens, diep gevoelde emoties die steeds weer in stand worden gehouden en worden aangewakkerd.

Beide groepen zijn in een race om het slachtofferschap verwikkeld, de oppression olympics zoals iemand het noemt. Dat verbaast haar, waarom wil je zielig gevonden worden? Maar het slachtofferschap verschaft uiteraard de morele positie van waaruit de ‘vijand’ het beste bestreden kan worden.
Van Weezel beschrijft haar ambivalente verhouding met Israël, ‘mijn rotland’. Ze wordt geconfronteerd met allerlei antisemitische complottheorieën van stoere Marokkaanse jongens die alles het beste weten. Haar optreden in debatten en herdenkingen levert haar veel kritiek op, van moslim-kant maar ook uit het ‘eigen kamp’, met uiteraard scherpe termen.
Ze komt niet tot een definitief antwoord, ze blijft heen en weer geslingerd tussen hoop en wanhoop. Tegenover iedere bemoedigende ontmoeting en gesprek, bijvoorbeeld met ex-radicaal Montasser Alde’emeh, staat een ontluisterende ervaring. ‘Radicale gematigdheid’ raadt haar vader haar aan. En die wil ze volhouden, ook al levert die kritiek van diverse kanten op. Blijven praten is het devies.
De analyse van de vele dimensies van deze complexe verhouding is in dit boek niet heel sterk ontwikkeld. Maar Van Weezel heeft met humor, flair en zelfspot een zwaar onderwerp beschreven, een van de kernthema’s in deze multiculturele samenleving, als je dat woord nog mag gebruiken.  

Samenvatting
Review Date
Boektitel
Thuis bij de vijand. Moslims en joden in Nederland, Natascha van Weezel
Waardering
41star1star1star1stargray
(Visited 7 times, 1 visits today)

Geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *