Pluche. Over de banalisering van extreemrechts

juli 7, 2007

guchtDe invloed van Vlaams Belang, voorheen Vlaams Blok, is veel groter dan gewenst. De partij wordt amper effectief weerwerk geboden en heeft daarmee in Vlaanderen het politieke klimaat verregaand beïnvloed, daarvan is de Belgische minister van Buitenlandse Zaken Karel de Gucht overtuigd. Door de ‘zwijgspiraal’ is er een ‘vrij podium voor extreemrechts’overgebleven. En hetzelfde geldt, mutatis mutandis, voor Nederland waar Pim Fortuyn de grote aanjager is.
De Gucht schreef zijn boek uit ongenoegen en onvrede: goede drijfveren. Hier en daar voor een Nederlandse lezer niet helemaal te vatten, biedt het een mooie weergave van het verzet van een klassieke liberaal tegen het oprukkende populisme. In Nederland zijn de liberalen daar niet toe in staat omdat ze te verbitterd zijn (Hans Dijkstal), er door aangetrokken worden (Rita Verdonk) of er geen raad mee weten (Mark Rutte).

Populisme is in de definitie van de Belgische professor Kris Deschouwer het benadrukken van twee verschillen: dat tussen de ‘legitieme leden van het volk en diegenen die ten onrechte menen dat zij er volwaardig deel van kunnen uitmaken en de tegenstelling tussen burgers en politici’. Verdonk was steeds bezig deze twee verschillen te benadrukken: als minister bepaalde ze wie wel of geen Nederlander was, tot ze zelfs haar partijgenote en vriendin Ayaan Hirsi Ali haar paspoort ontnam. In haar campagne voor het lijsttrekkerschap benadrukte ze dat zij de kandidaat van de leden en niet van het partijbestuur was. Nu is volgens De Gucht liberalisme niet te rijmen met populisme. Zijn voornaamste argument daarvoor is dat populisten de staat willen gebruiken om doorbraken te forceren, liberalen willen juist terughoudend zijn met overheidsoptreden. Dat sluit nauw aan bij discussies in de VVD over de vraag wat de rol van de staat moest zijn, waarbij juist Hirsi Ali die wilde inzetten om haar gewenste doelen te bereiken. Maar de vraag is of De Gucht niet een te krappe definitie van het liberalisme omarmt. 

De Gucht beperkt zich niet extreemrechtse populisten. Ook Jan Marijnissen krijgt een sneer. Als er in Nederland overigens een politicus niet tegengesproken wordt, is het Marijnissen wel, hoewel Geert Wilders een goede tweede is. Die heeft, in de woorden van De Gucht, met zijn kritiek op de dubbele nationaliteit van twee staatssecretarissen ‘de stap van rechtspopulisme naar extreemrechts vol enthouisasme gezet’. De Gucht laat daar trouwens onbesproken dat zijn geestverwanten in de VVD hier volop aan meededen.
Ook de media ontkomen aan zijn kritiek. Die voeden het wantrouwen ten opzichte van de overheid. Een bekend geluid, maar misschien met enig recht genoteerd. Cynisme van de pers is overigens misschien wel een reactie op het onvermogen van politici om onvrede te herkennen en daar constructief mee om te gaan. Media werken populisme zo in de hand.

Peilingen reduceren de politiek vervolgens tot een ‘binair landschap’. Een politicus die daar tegenin gaat, neemt een onpopulair standpunt in, waarna het een kleine stap is via ongelijk naar onhoudbaar. De politicus moet de peiling wel volgen. Politieke partijen werken trouwens bijna allemaal, zelfs GroenLinks, met focusgroepen, waarin gemeten wordt hoe bepaalde standpunten vallen. Vandaar is het uiteraard een kleine stap naar de aanpassing van die standpunten. In dat verband citeert hij Al Gore, die in zijn campagne voor het presidentschap zijn favoriete thema’s liet rusten uit vrees daarmee kiezers af te schikken.

Op die manier lijken alleen de populisten de gepassioneerde, authentieke politici die echt zeggen wat ze vinden.
Uiteindelijk moet De Gucht ook oplossingen bieden. Hij komt met de wat afgekloven begrippen leiderschap en burgerschap. Politici moeten burgers niet naar de mond praten en ook erkennen dat er enige afstand tussen volk en politiek is en moet zijn.  Burgers op hun beurt moeten ook een algemeen belang erkennen en een inspanning leveren om samen te leven. Zelfs Cohens statement de boel bij elkaar houden komt voorbij. Het klinkt allemaal niet heel erg liberaal en De Gucht beseft dat ook wel. Maar voor hem betekent dat ook dat men het idee dat de overheid ieder probleem oplost moet laten varen. Ook de media moeten daarvoor de ruimte laten en niet achtere elke crisette aanhollen.

De analyse in dit boek is sterker dan de aangedragen oplossingen. Die missen overtuigingskracht. Maar al met al is dit een interessant werk over een nog steeds acuut probleem in Nederland en Vlaanderen.

Waardering:4sterren

 

Karel de Gucht, Pluche. Over de banalisering van extreemrechts

(Visited 50 times, 1 visits today)

Geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.