Een stralende toekomst – Paul Mason -recensie

juli 10, 2019

De lezer van Een stralende toekomst kan maar beter voorbereid zijn op grote woorden en stellige uitspraken. Wanhopig en dan weer euforisch klinkt de kreet van de Britse journalisten Paul Mason van de bladzijden, die zijn werk beëindigt met een reeks als bevelen geformuleerde oproepen. Eerst rinkelen de alarmbellen luid en dan is er zicht op een gelukzalig Utopia. Het is alsof de zwartste black metal wordt afgewisseld met de opgeklopte extase van stadion rock.

Een ‘alliantie van nationalisten, vrouwenhaters en autoritaire politieke leiders’ is bezig om de mensheid te overheersen, schrijft Mason. Ze maken gebruik van ‘algoritmische sturing’ om hun rijkdom en macht te vergroten. ‘Het is nog niet te laat’, voegt hij daaraan toe. Mensen moeten in verzet komen en het schrijven van dit boek was ook ‘een daad van verzet’. En niet alles is verloren, want de machines kunnen ons gevangen nemen of ze kunnen ons bevrijden.

Antihumanisme

De verkiezing van Trump was een omslagpunt, schrijft Mason. Daarin kwamen de aanval op de waarheid, antihumanistische opvattingen en het manipulatieve gebruik van technologie samen. Voor de aanhangers van de Amerikaanse president heeft hij weinig goede woorden over: Dat zijn racisten en vrouwenhaters.

Mason beperkt zich niet tot een samenvatting van de politieke, technologische en economische ontwikkelingen. Hij gaat een ideeënstrijd aan tegen opvattingen die volgens antihumanistisch zijn. De vijanden daarbij zijn Friedrich Nietzsche en het postmodernisme. Nietzsche is volgens Mason de ‘grote cultfiguur van het neoliberalisme’. Het postmodernisme bestreed de grote verhalen en het idee van ‘de waarheid’ en ondermijnde zo het idee dat een andere, betere wereld mogelijk is en creëerde ‘een slavenideologie voor het neoliberale systeem’. Nietzsche was tegen socialisten, voor imperialisme, tegen het idee van vrije wil, kortom alles waar Mason voor is. Toch lijkt het mij een tamelijk eendimensionale interpretatie.

Nietzsche en het postmodernisme zijn tegenwoordig de geijkte aanvalspunten van alle denkers die weer een nieuw, groot verhaal willen vertellen. Zo gaat ook vooruitgangsdenker Steven Pinker uitgebreid te keer tegen Nietzsche. (Mason is het overigens op andere punten totaal oneens met Pinker.)

“Een van de dingen die ik met dit boek wil, is de posthumane industrie om zeep helpen.”

Marx zonder marxisme

Mason werpt zich op humanist, en dat geeft hem blijkbaar de positie om namens ‘de mens’ of ‘de mensheid’ te spreken. Zijn humanisme baseert hij op de werken van Karl Marx, om precies te zijn de ‘jonge Marx’. Het gaat om de werken van Marx die hij schreef voor Het communistisch manifest en die tot lang na zijn dood onbekend bleven. Het communisme van Marx uit die begintijd was het streven naar de vrijheid voor alle mensen. De leninistische, stalinistische, maoïstische en xi-ïstische regimes die zich op Marx beriepen, moesten hier volgens Mason niets van hebben.

Dat shoppen in het gedachtegoed van de grote voorganger heeft iets willekeurigs. Het is net alsof een christelijke kerk zich uitsluitend baseert op apocriefe geschriften. Of het werk van Marx wel zo makkelijk te scheiden is, is een zwaar bediscussieerde vraag.

Voor het humanisme acht Mason het nodig om de mens weer op een voetstuk te zetten, verheven boven machine en dier. De mens is een uniek ‘soortwezen’, door samenwerking, taal, bewustzijn. Die mens heeft ook een vrije wil, in tegenstelling tot wat Harari beweert. Zo moet uit alle macht een speciale positie voor de mens worden gecreëerd.

De vele verhandelingen over de gelijkenis tussen andere dieren en mensen zinnen hem niet, en nog minder de posthumanistische trend, die stelt dat de mens door zijn innige band met machines van aard zal veranderen.

Nu lijkt dat op een anti-technologie houding. Maar de machines kunnen ons ook verlossen van klassenverschillen, hiërarchieën, armoede, onderdrukking en ongelijkheid. Er is dan overvloed voor iedereen. Basale behoeften kunnen zo goed als gratis worden, wat hij ook al betoogde in zijn boek Postkapitalisme.

Utopisch

Mason geeft zich over aan ongekwalificeerd utopisch denken. “De eindtoestand waar we naar zouden moeten streven is technologische overvloed, een wereld waarin machines het meeste werk doen en zelfs de meeste innovaties verzorgen, waarin de enorme toename van vrije tijd ons de kans geeft een rijk cultureel leven te leiden en waarin onze economische activiteiten in harmonie zijn met wat de aarde aankan.”

Hier wordt dus een einde van de geschiedenis aangekondigd, dat binnen ons bereik ligt, en waar Mason als onze visionaire gids de weg heen wijst. Het ‘Grote Verhaal’ staat weer overeind. Maar het is ook een wat een krachteloos groot verhaal. Hoe die ‘eindtoestand’ bereikt zal worden, blijft vrij vaag.

En dat komt door het fenomeen dat Mason als marxist prima begrijpt. Er is geen actor die de door hem gewenste ontwikkeling in gang kan zetten. De arbeidersklasse doet dat niet, die bestaat niet meer, is gefragmenteerd of rechts. Daarom vestigt Mason zijn hoop op een jongere generatie die een ‘klasse voor zich’ moet worden, die niet alleen voor eigenbelang op komt, maar voor een positief doel strijdt. Maar ook al zijn een paar activisten, voor het grootste deel is de jongere generatie hier niet in geïnteresseerd. Ook is hij enthousiast over Jeremy Corbyn en Bernie Sanders. Die bewondering vanuit linkse hoek heeft mij al wat bevreemd. Want deze iconen hebben nooit een echte overwinning geboekt.

Opdrachten

Masons visie vertoont grote overeenkomsten met het boek Jäger, Hirten, Kritiker van de Duitse filosoof Richard David Precht. Masons aanbevelingen voor een basisinkomen, bestrijding van de informatiemonopolies, het publiek gebruik van data, komt zelfs sterk overeen met de voorkeuren van Precht en andere denkers, zoals Rutger Bregman. Het hangt in de lucht, zullen we maar zeggen. Steeds maar weer herhalen deze mensen dat er behoefte is aan utopische ideeën. Maar dan? Komt dat idee ook op de grond? Zelfs met de serie opdrachten aan de lezer waarmee hij zijn boek eindigt: “Geef je nooit gewonnen.” “Leid een antifascistisch leven.”, lijkt dat niet te lukken.

Mason spreekt vol zelfvertrouwen over van alles; van Aristoteles (goed) tot AI (kan beide kanten op gaan), via de pyschologie van de aanhangers van Trump tot de ideeën van Michel Foucault (allebei fout). Het geheel is een merkwaardige mengeling van een nostalgisch jaren zeventig marxisme met een techno-optimisme dat rechtstreeks uit het overigens verfoeide Silicon Valley lijkt te komen. Zonder blikken of blozen spreekt hij namens de mensheid en velt hij oordelen over van alles en nog wat. Het toekomstbeeld dat hij in grove lijnen schetst, heeft best zijn aantrekkelijke kanten, maar mondt uit in een nieuwe dogmatiek. Het grote denken heeft Mason al voor ons gedaan.



Bestel dit boek bij Bol.com:


(Visited 123 times, 9 visits today)
Samenvatting
Review Date
Boektitel
Een stralende toekomst. Een radicaal pleidooi voor menselijkheid - Paul Mason (De Bezige Bij)
Waardering
31star1star1stargraygray

Geen reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.